De Blankaart

Langs de rechteroever van de IJzer, tussen Oost-Vleteren en Diksmuide liggen de IJzerbroeken. Dit zijn laaggelegen, drassige weiden en hooilanden die het winterbed van de IJzer vormen. Bij overvloedige regenval en tijdens de wintermaanden staan delen van de IJzerbroeken heel regelmatig onder water. Centraal en op het laagste punt van de Broeken ligt De Blankaart, een vogel- en plantenparadijs. De Blankaart is een natuurgebied met internationale uitstraling.

Blankaart verwijst naar een oud woord dat 'vijver' betekent. Vandaar nog de uitdrukking blank staan : onder water staan. De Blankaart werd het eerst als waterplas afgebeeld op een kaart rond 1560. De Blankaartvijver dankt zijn ontstaan vermoedelijk aan turfontginning. In de IJzerbroeken zit op vele plaatsen turf in de ondergrond. Het natuurgebied is momenteel een 250 ha groot en bestaat uit 50 ha ondiepe vijver, 20 ha rietmoeras, 180 ha hooi- en weilanden. Behalve het kasteel en het kasteelpark (11 ha, beide eigendom van de Vlaamse Gemeenschap) is het hele gebied eigendom van Natuurpunt vzw.

Water is het sleutelwoord voor De Blankaart. Tijdens de wintermaanden of na een lange regenperiode staat de omgeving van De Blankaart onder water. Dit is een natuurlijk verschijnsel dat al eeuwenlang plaatsgrijpt. In periodes van hevige regenval kunnen de IJzer en andere 'vaarten' het vele water niet onmiddellijk afvoeren en worden de omliggende hooi- en weilanden als natuurlijk 'wachtbekken' gebruikt. Op die manier blijven de dorpen van wateroverlast gespaard. Dankzij het water bleef een rijk en gevarieerd natuurgebied bewaard. Het waterpeil en de waterkwaliteit blijven ook vandaag nog van levensbelang voor het natuurgebied.